‘Hoe word je je er nou van bewust dat je boos doet tegen iemand? Want, net als Amerika, je hebt het zelf niet in de gaten! Je denkt dat je je normaal gedraagt terwijl anderen niet blij met je zijn. Dat vertellen ze je niet maar je merkt het wel.’ Goeie vraag!
Dan kun je, als gebruikelijk, boos terug doen. Maar je kunt de ander ook vragen: ‘Waarom doe je boos tegen mij?’ En dan luisteren naar het antwoord. Moeilijk! Als je de vraag oprecht stelt komt er een antwoord waar je veel aan kunt hebben. Als je je gaat verdedigen hoor je niets en krijg je uiteindelijk ruzie. Vragen dus. En luisteren naar het antwoord, al zal dat je wellicht niet bevallen.
Wat mij gebeurde na het gedoe dat ik aan het begin van ‘9/11 en de geweldsspiraal’ beschreef was dat ik me de volgende ochtend verschrikkelijk voelde. Het was maandagmorgen, de eerste werkdag na een lekkere zomervakantie. Zo wilde ik niet beginnen. Ik vertelde hoe ik me voelde. Dat hielp. En ik vroeg aan mijn vrouw wat er volgens haar gebeurd was. Zij vertelde en ik luisterde. Dat bedoelde ik met: ‘Nieuw!’ Vooral dat vragen en luisteren.
Zo konden we het gedoe van de avond te voren afpellen. En zo kwam ik erachter dat er al van alles gebeurd was wat ik echt niet in de gaten had. Waar ik me gewoon niet bewust van was. Maar waar mijn vrouw wel last van had. Waardoor er een stemming ontstond die zomaar, ineens tot ruzie kon leiden. Waar ik weer door verrast werd, en niet van begreep waar ik dat nou aan te danken had. Nou gewoon, aan mezelf. Alleen had ik dat niet door. Net als Amerika.
Oprecht durven vragen dus. Werkelijk willen weten wat er gebeurd is. Bij mij begint het met het besef dat ik zo niet mijn dag door wil brengen: wetend dat iemand boos is op mij. Daar kan ik die ander naar vragen. Waarom ben je boos? Heb ik jou iets aangedaan? En wat dan? Daar rustig naar luisteren. Het aanhoren, laten binnen komen. Misschien heeft die ander wel een punt. Een kijk op de zaak waar je echt niet aan gedacht had. Zo had je het misschien nog nooit bekeken.
En wat 11 september betreft: Stel je voor dat Amerikanen in gesprek zouden gaan met al die mensen die gewoon last hebben van hun gedrag. Daar echt naar zouden luisteren. Dat het – door velen zo beleefde - opportunisme (in de jaren tachtig steunde Amerika Osama bin Laden), moralisme (we bombarderen je tot democratie, en of je nou wilt of niet, het is goed voor je) en imperialisme (behalve democratie brengen we je ook nog Coca Cola en McDonalds) werkelijk besproken zou kunnen worden.
En stel je nu eens voor dat jij dat zelf doet. Van wie weet je, voel je wel aan, dat ze zich aan je ergeren, boos op je zijn, je misschien zelfs wel een hak willen zetten. Kun je het aan ze vragen? Kun je zeggen: ‘Het voelt me niet goed, er zit iets niet lekker tussen ons, wat heb ik in jouw ogen gedaan, heb ik jou iets aangedaan?’
‘Doe ik jou iets aan?’ Eenvoudige vraag. Wat houd je tegen om ‘em te stellen? En wat zou het je kunnen opleveren?


[…] Dit was het derde en laatste deel van wat een drieluik over 11 september blijkt te zijn geworden. De eerste twee delen vind je hier (deel 1) en daar (deel 2). […]
Pingback door André Meiresonne » Lekker in je vel (11 september - Revisited) — 24/09/2008 @ 15:58