
Er wordt hier thuis nog steeds muziek gemaakt.
Oordeel zelf: drie live opnamen van All Missing Pieces.
> Een akoestische versie van de single Infinity - ’s Nachts op de radio bij Nachtegiel op 3FM
> De openingstrack Kaleidoscope Eyes van hun komende album - ’s avonds bij De Wereld Draait Door
> En een cover van Anouk’s Woman - ’s morgens bij Giel! op 3FM
Geniet van deze Haagse bluf… (zegt Giel Beelen)
Veel kijk&luisterplezier!

“Tell me the weight of a snowflake,” a coal-mouse asked a wild dove.
“Nothing more than nothing,” the dove answered.
“In that case I must tell you a marvelous story,” the coalmouse said.
“I sat on a branch of a fir, close to its trunk, when it began to snow-not heavily, not in a raging blizzard-no, just like in a dream, without any violence. Since I didn’t have anything better to do, I counted the snowflakes settling on the twigs and needles of my branch. Their number was exactly 3,471,952. When the 3,741,953rd dropped onto the branch-nothing more than nothing, as you say-the branch broke off.”
Having said that, the coal-mouse flew away.
The dove, since Noah’s time an authority on that matter, thought about the story for a while, and finally said to herself, “Perhaps there is only one person’s voice lacking for peace to come to the world.”
[Bron: Synchronicity, The Inner Path of Leadership, Joseph Jaworski and Betty S. Flowers]
November 1988 stond ik bij de Berlijnse Muur. Het was er donker en stil. Er ging een telefoon over, traag gerinkel. Als iemand me toen gezegd had: ‘Over een jaar staan hier mensen op te dansen,’ had ik het niet geloofd.
Een jaar later, 9 november 1989. Er stonden mensen op de muur. Uitgelaten, opgetogen. Het was voorbij. Genoeg mensen hadden er genoeg van. Genoeg kritische massa. Ik geloof daar wel in.
Waar heb jij genoeg van? Als er genoeg anderen zijn die er ook genoeg van hebben kan het voorbij zijn. Zomaar. En misschien ben jij wel die ene die nog nodig is.


Ik heb de kerstvakantie gebruikt om naar buiten te gaan. Wandelen, wat is Nederland mooi. Okee, beauty is in the eye of the beholder. Kiekjes maken, als ik een plaatje zie. Idem. En filmpjes schieten, van wat ik ineens of zomaar zie. Idem idem.
En de tijd genomen om naar binnen te gaan. Op een rij gezet wat ik wel en niet meer wil. Het verschil tussen Hoe Het Hoort en Wat Werkelijk Wil. Ook ambitieus. Kwam mezelf tegen. En anderen.
Blijft je leven stromen, of verstijf je en verstar je? En hoe je uit zelfbescherming jezelf en de rest van de wereld voor de gek kunt houden - of probeert te houden. Wordt vervolgd.
‘Zelfbedrog is het immuunsysteem van de psyche.’ (Theo Maassen, Zonder pardon, 2009)

Mijn vrouw Léonne (’Daar is ze weer’) heeft de kerstvakantie gebruikt om een knap stuk te schrijven. Tenminste, dat vind ik.
‘Wat bezielt ons?’ is de titel. Je vindt het op haar site. Ze noemt het ‘Een aanwijzing voor de komende drie jaar (2010 - 2012)’.
Dat noem ik ambitie. Benieuwd of je er wat aan hebt. Laat het weten als je wilt. En stuur de link door als je zin hebt.

Nieuwjaarsdag 2010.
De vrouw zit in de zon op een bank aan de Hofvijver. Ze leest aandachtig in een dik boek. Het hondje drentelt voor haar voeten. Ik wens haar gelukkig nieuwjaar. ‘Ik wens u ook een zeer gezegend nieuw jaar toe’ antwoordt ze - gedragen en met een zuidelijke tongval. Ze doet het boek dicht en sluit haar ogen. Catechismus staat op de cover.
De zon verdwijnt achter het Buitenhof. De vrouw doet het boek in haar rugzakje en vertrekt. Even later staat ze iets verderop in de laatste zonnestralen - rechtop en met gesloten ogen . Vanaf het Plein nadert langzaam een jonge man. Hij heeft een beker koffie in zijn hand. Met zijn andere hand houdt hij de lage zon uit zijn ogen. Ik maak een foto.

Soms zie ik iets bewegen. Met m’n mobieltje leg ik dat vast. Het gaat mij om het beeld, het geluid hoeft er niet bij. Daarom zijn deze filmpjes stil. Stille beweging. s t i l l e f i l m p j e s
En sinds afgelopen zomer zijn er K I K K E K I E K J E S. Soms zie ik iets dat ik vast wil houden. Dan pak ik ook m’n mobieltje en probeer ik een foto te maken van wat ik denk te zien.

God erbarme zich over de cynici. Ik ben nu cynicus. Misschien was ’t beter als ik maar heelemaal gek geworden was of overreden door de tram, wat dikwijls bijna gebeurd is. Vroeger was ik dichter. En als cynicus zeg ik: ’t was geen lolletje, voor mij niet en voor niemand.
‘k Weet nog heel goed hoe ’t begon. ’t Was in de eerste week van October, tegen half zes. ’t Is daarna nog vele malen October geworden en ontelbare vele malen half zes geweest. ‘k Was toen vijftien jaar en zat op een bank in Artis met een korte broek aan. Dat moet mij als cynicus nou juist gebeuren, dat ik ’t over Artis moet hebben. Maar zoo was ’t toch. Ik zit op een bank in Artis. Er was niemand meer. ’t Was er zoo stil en de bladeren van de boomen ritselden. In de verte kraakte ’t grint, ergens werd een emmer neergezet op een houten vloer, ik hoorde ‘t, maar zag ’t niet.
Langs den stam van een hoogen boom keek ik naar boven en zag dat de avond niet viel, want ’t was boven lichter dan beneden. De bladeren trilden en draaiden heel even en een geel blad liet los en viel op ’t grasveld. Toen voelde ik dat alles goed was en dat er nog iets komen zou, later. ‘k Voelde tegelijk een groote tevredenheid en een groot verlangen. En de zekerheid dat deze dag nooit terug zou komen. Toen kraakte ’t grint harder en een man zei: “Jongeheer, u moet eruit, we gaan sluiten.”
God erbarme zich over de cynici. ‘k Wilde dat ik nog eens bijna kon grienen zonder te weten waarom en hopen op iets, dat nooit komt.
Nescio (pseudoniem van J.H.F. Grönloh, 1882 - 1961)

M’n veertigste jaar was een topjaar. Succes, geld, roem. Allemaal betrekkelijk, en in kleine kring, maar toch. Ik voelde mezelf een hele meneer. Ik had net een prachtig boek geproduceerd dat ook nog heel goed liep. De eerste oplage was direct al tienduizend stuks, en ik was eindelijk de uitgever geworden die ik volgens alle beroepskeuzetesten die ik ooit gedaan had beslist moest worden. Dacht dat ik alles aankon. Bij de meeste mensen gaan dan alarmbellen rinkelen. Bij mij niet. Ik had niet in de gaten wat er om me heen gebeurde. Volg je hart, leef je droom, succes verzekerd. Toch?
Dat succes wilde niet zeggen dat mijn kostje gekocht was. Erger nog, ik had m’n hand danig overspeeld. Mijn opdrachtgever was not amused toen hij merkte dat ik ondertussen zaken ondernam waarvan hij vond dat die overlapten met die van hem. Ik vond natuurlijk van niet maar dat maakte niet uit. Ik vond dat ik daar als zelfstandig ondernemer de vrijheid en de ruimte voor moest hebben. Hij dus niet. Hij vond ik dat ik eigenlijk in dienst was. Ik vond dat onzin. Maar de advocaten kwamen uit op een riante ontslagvergoeding… Dus toch in dienst? Hoe dan ook, het was over.
Hoe zeer het over was had ik nog niet door. Want ik ging gewoon door met waar ik mee bezig was. Weinig reflectie, veel eigen gelijk. Incasseren, en gauw weer verder. De grootste concurrent van het bedrijf waar ik net weg was wilde graag met me praten. Maar op het laatst knapte het toch af. Balen, maar ja. Verder. Maar er kwam geen verder… Er volgde een periode van tien maanden waarin niets lukte, niets werkte. Geen werk, geen geld. Wel net drie kinderen gekregen in vier jaar. En helemaal volgens het boekje ontspoorde de relatie met mijn vrouw. Na negen maanden was alles op. Het geld, de liefde, alles.
De brief van de bank maakte het feest compleet. Die dreigde met executieverkoop van het huis. Toen gaf ik het op. Ik wist het echt niet meer, dacht dat ik gek werd. Dat vertelde ik mijn huisarts waar ik regelmatig een goed gesprek mee had. Maar dat was ook op, het werkte niet meer. De therapeut waar ik terecht kwam was godzijdank een rustige wijze vrouw en geen opgewonden eigenwijze man. Anders was ik mezelf weer tegengekomen! Ik kwam er al snel achter dat ik niet gek was, maar dat er wel heel wat werk aan de winkel was. En gelukkig zei mijn vrouw niet lang daarna ‘Ja’ tegen relatietherapie.
Eerst had ik nog wel aan de therapeut gevraagd waarom ze eigenlijk psychiater was geworden. Als ervaren inkoper van belangrijke zaken was ik per slot gewend dat soort vragen te stellen. Hoe eigenwijs kun je zijn? Ook al zit je aan de grond? Ze gaf een antwoord waar ik blij en stil van werd. ‘Ik wilde als arts iets doen met het hart. Dus toen ik ging specialiseren kon ik kiezen tussen cardiologie en psychiatrie. Het werd dat laatste.’ Ik was om. Iemand die op zo’n manier kon denken, die twee kanten van het hart kon zien, die lichaam en ziel, hoofd en hart kon verbinden, daar was ik hard aan toe.
En zo gebeurde het dat ik op maandag bij een detacheringsbureau zat (Ik! Bij een detacheringsbureau!) dat misschien iets voor me had. Dat bleek een klus(je) voor twee maanden bij een intern uitzendbureau van het bedrijf waar ik vier jaar daarvoor was vertrokken. Ik werd aangenomen door iemand die mijn collega was geweest en waar ik toen van dacht: ‘Mwah’, en waarschijnlijk ook zo tegen deed. Daar kon ik nu maar beter normaal tegen doen. Ik werd aangenomen op precies hetzelfde salaris waarmee ik daar ooit vertrokken was. Terwijl iedereen daar doorgegroeid was. Maar ja, ‘Beggars can’t be choosers.’
Na die maandag was ik op dinsdag bij de bank. Die verleende uitstel van executie toen ik kon laten zien dat ik een contract had voor twee maanden. Op woensdag had ik mijn eerste therapiegesprek. En op donderdag ging ik voor het eerst sinds tien maanden weer aan het werk. Minder eigenwijs, met een minder grote mond, en met minder ego. Meer verbonden, met meer verantwoordelijkheid, en meer creativiteit. Ik begon langzaam maar zeker op te krabbelen en de weg omhoog weer te vinden. Mijn contract werd verlengd. En niet veel later vond ik een baan die helemaal bij me paste. Om daar…
(Meer lezen? Kijk hier ook even)

We gaan allemaal dood of weg
Dat willen we niet maar dat gebeurt toch
Daar kan je gewoon op zitten wachten
Maar dat heeft geen enkele zin
Het gaat erom wat je in de tussentijd doet
Daar gaat het om
Kim van Kooten, Alles is Liefde

“Als ik naga hoeveel mensen d’r waren bij de begrafenis van mijn vrouw kan ik eigenlijk alleen zeggen – de straten stonden vol, hier op het kerkhof kon niemand meer bij - dan kan ik maar een ding zeggen: Meid als ik zie wie d’r allemaal is gekomen om jou nog de laatste eer te bewijzen dan kan ik alleen maar zeggen, wat heb je het geweldig gedaan. Want je bent in het leven niet wat je voor jezelf hebt betekend maar wat je voor anderen hebt betekend. Moet je goed onthouden hoor… Want het verrekt hier van de egoïsten op aarde.”
Johnny Hoes
In: Johnny Hoes - Och was ik maar (tv documentaire van Hans Heijnen)